woorden.html

000015

Wind. Regen. Koud. Veel te vroeg donker en veel te laat licht. Daar zit ik dan, op mijn fiets, na alweer zo’n dag. Ja, thuis is het warm en gezellig. De aardappels zijn vast en zeker al bijna gaar, de braadworst spettert lekker in de koekenpan en later vanavond is er ook nog een spannende film op televisie. Maar wat schiet ik er allemaal mee op, want het stoplicht bij het fietspad staat altijd op rood. Nee, ook vandaag zit het echt niet mee.

Daarom is het fijn dat er zo’n knopje op de stoplichtpaal zit. Als ik het indruk, gaat er een lampje branden zodat ik kan zien dat het werkt. Nu is het alleen  maar een kwestie van tijd voor ik verder mag fietsen. En kijk nu toch eens: er zit ook nog een ring van witte lichtjes om dat lampje heen. Eén voor één floepen ze aan en als het cirkeltje vol is, springt het stoplicht op groen. Spannend. En wat fijn om ook als fietser of voetganger serieus genomen te worden als verkeersdeelnemer.

Tenminste, dat zou je haast gaan denken. Want de knopjes doen natuurlijk helemaal niets. Behalve die lampjes aanzetten, dan. Want we kunnen natuurlijk niet zomaar de stoplichtschema’s overhoop gooien omdat er toevallig iemand naar huis wil. Die schema’s zijn bedacht door mensen die ervoor doorgeleerd hebben. Simpele geesten als ik moeten daar met hun graftengels afblijven, want anders loopt de hele stad in de soep en dat is slecht voor de economie. Moeten we niet willen met mekaar. Het is voor veel minder al tot maatschappelijke onrust gekomen.

En trouwens, al die knipperende lichtjes fleuren deze donkere tijd voor Kerstmis enorm op. Zoiets maakt de mensen warm van binnen. Dat is ook wat waard.

Powered by WordPress. Theme by Sash Lewis.